Fiscale oudedagsreserve mogelijk weer fiscaal voordelig?!

Een (fiscale) oudedagsreserve (FOR) vormen is voordelig als deze in een hoog belasting tarief wordt opgebouwd en als deze vrijvalt in een laag belastingtarief. Hoe zit dat nu als in 2019 en 2020 de belastingtarieven in box 1 verlagen?

Wat is een (fiscale) oudedagsreserve (FOR)?

Het is een fiscale regeling waarmee ondernemers kunnen sparen voor de oudedag (pensioen), zónder dat dit ten koste gaat van het banksaldo. Het geld blijft daarbij dus in de onderneming. Het is uitsluitend een vorm van uitstel van belastingheffing over een deel van de winst. Niet meer en niet minder.

Wie kunnen een FOR vormen?

U kunt een (fiscale) oudedagsreserve vormen als:

  • u ondernemer bent in het kader van de Wet Inkomstenbelasting;
  • u niet de AOW leeftijd heeft bereikt (2019: 66 jaar en 4 maanden); en
  • u meer dan 1.225 uur per jaar werkzaam bent binnen de onderneming en dus voldoet aan het zogenaamde urencriterium.

Hoe wordt een FOR gevormd?

U vormt een (fiscale) oudedagsreserve door dit aan te geven in de aangifte inkomstenbelasting. De maximale toevoeging (ook wel dotatie genoemd) aan de (fiscale) oudedagsreserve is in 2019 een 9,44% van de winst, met een absoluut maximum van € 8.999. Deze toevoeging is bovendien begrensd door de hoogte van het ondernemingsvermogen op het einde van het kalenderjaar.

Voorbeeld 1
De winst van de eenmanszaak Vakantieplezier was in 2018 € 100.000 en de hoogte van het ondernemingsvermogen per einde van het kalenderjaar is € 8.500. De ondernemer heeft in het verleden nog geen (fiscale) oudedagsreserve gevormd.

De maximale dotatie is 9,44% van de winst: € 9.440, maar deze wordt in stap 1 verlaagd tot een bedrag van € 8.999 (het absolute maximum). Vervolgens wordt het in stap 2 nog eens verlaagd naar € 8.500 (het ondernemingsvermogen per einde kalenderjaar).

Hoe wordt het fiscale voordeel berekend?

In bovenstaand voorbeeld is sprake van een toevoeging van € 8.500,-. Dit bedrag wordt in mindering gebracht op de winst van € 100.000, waardoor de winst voor ondernemersaftrek uitkomt op een bedrag van € 91.500,-. Dit bedrag wordt verminderd met de zelfstandigenaftrek van € 7.280 tot € 84.220. Hierop komt de MKB winstvrijstelling (14%) in mindering (€ 11.791), zodat een belastbare winst overblijft van € 72.429.

Het belastingtarief dat hierbij hoort is in 2018 51,95%. De toevoeging aan de (fiscale) oudedagsreserve van € 8.500 in het jaar 2018 dus leidt tot een belastinguitstel en liquiditeitsvoordeel van bijna € 3.798 ((€ 8.500 -/- 14%) x 51,95%).

De andere kant van de medaille

Zoals hierboven vermeld is sprake van een uitstel van belastingheffing. Dus ooit zal de (fiscale) oudedagsreserve vrijvallen. Op dat moment verhoogt deze de winst en dient u hier belasting over te betalen. In de praktijk blijkt dat vele ondernemers zich hier onvoldoende bewust van zijn en hiervoor geen geld opzij hebben gezet. De toevoeging aan de (fiscale) oudedagsreserve is namelijk uitsluitend een fiscale aftrekpost en er wordt dus niet een zogenaamd “potje pensioen” gevormd.

Wanneer valt een (fiscale) oudedagsreserve vrij?

Er zijn twee manieren van het vrijvallen: een vrijwillige vrijval en een verplichte vrijval.

1. Vrijwillige vrijval. Hiervan is sprake als het geld wordt gestort bij een bank/verzekeraar in de vorm van een lijfrente. Dit levert dan tevens een extra aftrekpost op in de vorm van een verhoogde MKB winstvrijstelling. Een bijkomend voordeel is ook dat in de toekomst niet meer hoeft te worden afgerekend met de belastingdienst over de (fiscale) oudedagsreserve.

2. Verplichte vrijval. Hiervan is sprake als:

  • u de onderneming staakt;
  • u komt te overlijden;
  • tot de hoogte van het ondernemingsvermogen per het einde van het kalenderjaar;
  • u de AOW-leeftijd heeft bereikt; of
  • in twee opeenvolgende jaren niet voldoet aan de 1225 uren-eis.

Fiscale gevolgen van de vrijval

Zoals gezegd verhoogt de (fiscale) oudedagsreserve als deze vrijvalt de winst.

Voorbeeld 2
De ondernemer van Vakantieplezier staakt in 2025 zijn onderneming. Op dat moment is de stand van de fiscale oudedagsreserve nog steeds € 8.500. De jaarwinst bedraagt € 45.000. De winst van Vakantieplezier in 2025 wordt dus € 53.500. De zelfstandigenaftrek is € 7.280, de stakingsaftrek € 3.630 en de MKB-winstvrijstelling (14%) € 5963. Deze wordt dan € 36.627.

Bij deze winst en op basis van de huidige wetgeving bedraagt het belastingtarief in 2025 37,05%. Over de vrijval van de fiscale oudedagsreserve moet dan € 2.708 belasting worden betaald ((€ 8.500 -14%) x 37,05%).

Ten opzichte van de toevoeging in voorbeeld 1 leidt dit uiteindelijk tot een voordeel van (€ 3.798 – € 2.708) = € 1.090.

Toevoegingen aan de FOR in 2019 en 2020

Zoals in de aanhef van dit artikel is vermeld, gaan de belastingtarieven in de toekomst omlaag

Tót € 68.500 Vanaf € 68.500
2018 40,85% 51,95%
2019 38,1% 51,75%
2020 37,8% 50,5%
2021 37,05% 49,5%
(AOW-leeftijd niet bereikt)

Als toevoegingen aan de (fiscale) oudedagsreserve in 2019 en 2020 dus in mindering worden gebracht tegen een tarief dat hoger is dan 37,05% en de verwachting is dat bij staking de winst voor belastingheffing niet hoger is dan € 68.500, levert dit altijd een belastingvoordeel op.

Het voordeel kan zelfs groter worden als u de AOW-leeftijd heeft bereikt en bij vrijval van de FOR een belastbaar inkomen heeft van minder dan € 35.000. Het belastingtarief hiervoor wordt vanaf 2021 namelijk 19,15%.

BAA ADVIES. Door de dalende belastingtarieven wordt een toevoeging aan de FOR mogelijk nóg interessanter dan nu het geval is. Het is echter verstandig om de FOR niet los te zien, maar als onderdeel van uw ‘appeltje voor de dorst’ te bekijken.