Lenen van de BV en privé beleggen: interessant, maar let op de regels

U heeft voldoende liquide middelen in uw BV en besluit om hiermee te gaan beleggen. In privé wel te verstaan, want er is u verteld dat dit fiscaal slim is. Wat zijn de addertjes onder het gras?

Welke opties heeft u?

Als een BV liquide middelen heeft en de DGA besluit hiermee te gaan beleggen dan zijn er drie mogelijkheden.

1. Beleggen in de BV. Het resultaat op de beleggingen wordt belast in de BV. Het vennootschapsbelastingtarief in 2021 bedraagt 15% (tot een winst van € 245.000, daarboven 25%).

2. Beleggen na dividenduitkering. Als de BV een dividenduitkering doet aan de DGA dan is 26,9% dividendbelasting verschuldigd. Het resultaat op de beleggingen in privé is vervolgens onbelast, maar er is wel box 3-heffing verschuldigd over de waarde van de beleggingen per 1 januari van het belastingjaar.

3. Beleggen met geleend geld van de BV. Als de DGA het geld leent van de BV dan is er géén dividendbelasting verschuldigd, het resultaat op de beleggingen is onbelast en de box 3-heffing is nihil omdat tegenover de waarde van de beleggingen een schuld aan de BV staat. Enkel de rente die de DGA aan de BV betaalt is belast in de BV (15% vennootschapsbelasting tot een winst van € 245.000, daarboven tegen 25%).

Drie voorbeelden ter illustratie

We gaan uit van een belegging van € 250.000 met een rendement van 4%.

Optie 1. De vpb-heffing bedraagt € 250.000 x 4% x 15% = € 1.500. Zolang het geld in de BV blijft is er geen heffing voor de inkomstenbelasting; het geld blijft immers vermogen van de BV. Wil de DGA dit geld naar privé te halen, dan is box 2-heffing verschuldigd.

Optie 2. De vpb-heffing bedraagt € 0. De box 2-heffing bedraagt echter € 342.000 x 26,9% = € 92.000. Om een netto dividend te krijgen van € 250.000 moet een bedrag van € 342.000 als bruto-dividend worden uitgekeerd. De box 3-heffing (ervan uitgaande dat er geen partner is en er geen overige bezittingen en schulden zijn) bedraagt € 2.387,-. Het geld is dan wel privévermogen.

Optie 3. De vpb-heffing is 15% over de ontvangen rente (stel 2%): € 250.000 x 2% x 15% = € 750. Er is geen box 2- en box 3-heffing. De schuld aan de BV zal wel ooit nog eens afgelost moeten worden. Indien de BV het geld op de bank had laten staan, had ze negatieve rente moeten betalen.

De leenvariant kan dus financieel heel aantrekkelijk zijn, maar let wel op de fiscale spelregels. Uitgangspunt is en blijft namelijk dat de lening die een DGA bij zijn/haar BV heeft zakelijk moet zijn.

Hoe beoordeelt de fiscus of een lening zakelijk is?

Uit een Wob-verzoek uit 2018 (verzoek tot openbaarmaking van overheidsinformatie) blijkt dat de Belastingdienst aan de hand van onderstaande checklist beoordeelt of een lening zakelijk is of niet.

  • Is er een leningsovereenkomst?
  • Wanneer moet de lening worden afgelost en is er een aflossingsschema?
  • Wat is het rentepercentage?
  • Heeft de DGA-zekerheden gesteld?
  • Als de DGA onroerend goed als zekerheid stelt wat is dan de waarde van dit onroerend goed?
  • Wat is het verloop van de lening? Loopt deze op?
  • Wat is het inkomen van de DGA en wat is zijn/haar leeftijd?
  • Wat zijn de overige financiële verplichtingen van de DGA?

Lening niet zakelijk?

Vindt de Belastingdienst dat de lening niet zakelijk is dan kan de lening (deels) als een verkapte winstuitdeling worden aangemerkt en is de DGA 26,9% box 2-belasting verschuldigd.

In een bepaalde zaak was volgens het Hof Den Haag sprake een verkapte winstuitdeling. Zowel de BV als de DGA (als aandeelhouder) waren zich volgens het Hof bewust van deze bevoordeling. Het Hof noemde dat: ‘dubbele bewustheid’ en vond de lening daarom onzakelijk. De bewijslast voor een dergelijke dubbele bewustheid ligt echter bij de Belastingdienst.

DGA-taks: excessieve leningen in de ban

Er ligt een wetsvoorstel om het lenen bij de eigen BV te beperken: de DGA -taks. De bedoeling is dat deze wet per 1 januari 2023 in werking zal treden. Kortgezegd komt het erop neer dat een DGA niet meer dan € 500.000 bij zijn eigen BV mag lenen.

BAA ADVIES. Voorkom dat de Belastingdienst een lening aanmerkt als een verkapte winstuitdeling. Zorg altijd voor een zakelijke leningsovereenkomst en handel hier ook naar (zie checklist). BAA kan u helpen bij het opstellen van zo’n overeenkomst. Desgewenst rekenen wij voor welke variant financieel het meest gunstigst is. Daarbij houden wij uiteraard rekening met uw zakelijke- én met uw privéomstandigheden.