De DGA-taks deel 2: grote bedragen lenen van de BV wordt bestraft!

In de Miljoenennota 2019 werd al gesproken over de Rekening-courantmaatregel; de DGA-taks. Na een internetconsultatie afgelopen maart worden nu de contouren helder. Hoe ziet het er op dit moment uit?

DGA-taks en internetconsultatie

In september 2018 schreven we al over de Rekening-courantmaatregel. U moet naar alle waarschijnlijkheid vanaf 1 januari 2022 26,9% belasting betalen over een schuld aan de eigen BV boven de € 500.000. Toen was nog veel onduidelijk. Van 4 maart tot en met 31 maart 2019 liep er echter een internetconsultatie.

Internetconsultatie. Op nieuwe voorstellen voor wet- en regelgeving, kan via de website Internetconsultatie (van Overheid.nl) worden gereageerd. Deze reacties kunnen dan bijdragen aan een verbetering van de regelingen. Zo ook voor de Wet excessief lenen bij de eigen genootschap.

In dit artikel bekijken wat op dit moment de gevolgen voor de DGA in de binnenlandse situatie zijn.

Waarom deze nieuwe wet?

Volgens het kabinet is het doel van de maatregel om de belastingheffing beter te laten aansluiten bij de besteding van de gelden door de aanmerkelijk belanghouder (iemand met meer dan 5% van de aandelen in een BV); hierna te noemen de DGA. Door geld aan de BV te onttrekken in plaats van als dividend uit te keren of loon te genieten, wordt belastingheffing op dat moment voorkomen. Het kabinet wil dit langdurig uitstel van belastingheffing tegengaan.

Waarover en wanneer wordt geheven?

Het zogenaamde object van heffing. De belastingheffing zal plaatsvinden over een schuld van de DGA en zijn partner van meer dan € 500.000 aan de eigen BV. Het meerdere wordt dan als een zogenaamd fictief regulier voordeel belast. Het wetsvoorstel maakt geen onderscheid tussen zakelijke schulden (met eventuele zekerheden) of onzakelijke schulden. Ook is het niet relevant of de schulden zijn aangegaan voor consumptie (rekening-courant) of zijn aangegaan om vastgoed, effecten of andere beleggingen te financieren. Vaststelling van de hoogte van de totale schuld van de DGA vindt plaats per het einde van het jaar, voor het eerst op 31 december 2022.

Wie moet de belasting betalen?

Het zogenaamde subject van heffing. Zoals eerder vermeld wordt gekeken naar de DGA en zijn/haar partner. Hierbij is niet van belang of de partner zelf wel/geen aandelen heeft. Maar belasting moet ook worden betaald door bloed- of aanverwanten in de rechte lijn, zoals ouders en kinderen van de DGA. Voor deze personen geldt dat zij pas in de heffing worden betrokken als ze individueel meer dan € 500.000,- schuld aan de BV van de DGA hebben. Dit betekent dus dat een DGA met drie kinderen in totaal 4 x € 500.000 kan lenen van de BV, zonder belasting te over fictief dividend te hoeven betalen.

Hoeveel belasting moet worden betaald

Fictief dividend. Als de schuld groter is dan het bedrag van € 500.000 wordt het meerdere door de Belastingdienst gezien als een fictief dividend. Over dit bedrag dient de DGA dan 26,9% belasting te betalen. Het bedrag waarover in dat jaar belasting is betaald, wordt voor het volgende jaar toegevoegd aan de drempel van € 500.000. Vervolgens wordt weer gekeken of de schuld aan de BV groter is geworden en over het meerdere is dan weer 26,9% belasting verschuldigd.

Een voorbeeld

Op 31 december 2022 bedraagt de schuld van DGA X aan zijn BV € 680.000. Over € 680.000 – € 500.000 moet 26,9% belasting, € 48.420 worden betaald.

Op 31 december 2023 is de schuld van X aan zijn BV opgelopen tot € 750.000,-. Over € 750.000 – (€ 500.000 + € 180.000) = € 70.000 moet dan € 18.830 (26,9%) belasting worden betaald. Elk volgend jaar wordt zo weer een nieuwe berekening gemaakt.

Let op: dubbele heffing!

In bovenstaand voorbeeld moet in 2022 over een bedrag van € 180.000 belasting worden betaald en in 2023 over een bedrag van € 70.000. In het concept wetsvoorstel is echter opgenomen dat het bedrag van 2022 wél, maar het bedrag van 2023 niet de verkrijgingsprijs van de aandelen verhoogt bij een eventuele verkoop.

Een voorbeeld

Stel, begin 2024 worden de aandelen van BV X verkocht voor € 820.000. Op de aandelen was € 18.000 gestort bij de oprichting van de BV. De meerwaarde is dan € 820.000 – € 18.000 = € 802.000 Dit bedrag mag worden verminderd met € 180.000 (het fictief dividend van 2022), zodat over een bedrag van € 622.000 belasting moet worden betaald.

Het fictieve dividend van 2023 mag echter niet in mindering worden gebracht. Dit leidt automatisch tot een dubbele heffing voor de fictieve dividenden vanaf 2023. Eerst als fictief dividend en later bij de verkoop van de aandelen.

Vrijgestelde schulden

Eigen woning. Bij het object van heffing staat vermeld dat er geen onderscheid wordt gemaakt tussen zakelijke of onzakelijke schulden. Er wordt echter wél een uitzondering gemaakt voor de bestaande en de nieuwe eigen woning schuld. Als u dus een lening van uw BV heeft voor de financiering van uw eigen woning (box 1), telt deze niet mee voor de drempel van € 500.000.

Vanaf 2022. Voor een nieuwe eigen woning hypotheek vanaf 1 januari 2022 tussen de BV en u als DGA geldt wel de aanvullende eis van een hypothecaire zekerheid. U moet dan kosten maken voor het laten opstellen van een akte van hypothecaire zekerheid bij de notaris. Doet u dat niet, dan is de eigen woning schuld niet vrijgesteld.

Wat als u een afspraak heeft met de Belastingdienst?

In het verleden hebben diverse DGA’ s afspraken met de Belastingdienst (zogenaamde vaststellingsovereenkomsten) gemaakt over het verminderen van hun (rekening-courant)schulden aan hun BV. Als hier sprake is van een schuld van minder dan € 500.000 blijven deze afspraken intact. Als het afspraken betreft over schulden groter dan € 500.000 worden deze overruled door de nieuwe wetgeving.

Dus wat nú al te doen?

U heeft als DGA nog tot eind 2022 de mogelijkheid om uw schulden tot € 500.000 in te lossen. Dit lijkt ver weg, maar houd rekening met de tariefstijgingen van 25% in 2019 naar 26,25% in 2020 en 26,9% vanaf 2021. Het is slim om toch al binnenkort naar de fiscale mogelijkheden te kijken. Een dividenduitkering van € 150.000 in 2019 in plaats van 2020 of 2021 levert een belastingvoordeel van respectievelijk € 1.875 en € 2.850 op.

Samengevat: dit moet u zich als DGA realiseren

  1. Met de DGA-taks en de rekening-courant-maatregel wordt de Wet excessief lenen bij de eigen genootschap bedoeld.
  2. Er ligt een wetsvoorstel waarin staat dat u vanaf 2022 26,9% belasting moet betalen over een schuld boven € 500.000 aan uw BV.
  3. In maart 2019 liep hiervoor een internetconsultatie.
  4. De contouren van de nieuwe wet worden nu zichtbaar.
  5. Rond de zomer gaat het wetsvoorstel waarschijnlijk naar de Tweede Kamer.
  6. BAA houdt dat uiteraard voor u in de gaten.
  7. Maak, met het oog op de wijzigende box 2-heffingen (AB-tarief), toch nú al een goede berekening wat voor u het meest voordelig is.
  8. Wij helpen u daar graag bij.
BAA ADVIES. Ondanks dat de DGA-taks, de Wet excessief lenen bij de eigen genootschap, nog naar de Tweede en Eerste Kamer moet, is het toch al zinvol om snel berekeningen te maken voor wat voor u het fiscaal meest voordelige moment is om een schuld aan de BV af te lossen.